De artistieke en technische benadering van de keramisch ontwerper beweegt zich tussen planning en intuïtie.
Aanvankelijk is er een rationele, op materiaal gebaseerde planning door middel van schetsen en ontwerpoverwegingen, maar naarmate het proces vordert, wordt het opener en intuïtiever, terwijl het materiaal en zijn grenzen experimenteel worden verkend.
“Puristisch experimenteel” zou men het keramische werk van de kunstenares kunnen noemen. Hier wordt alles teruggebracht tot de essentie, zonder overbodige versieringen. In plaats daarvan staat het materiaal centraal, met een puristische, fragiele eenvoud.
“Visuele verbinding met de natuur”
De keramische objecten getuigen van een diepgaande, op de natuur geïnspireerde omgang met materiaal en vorm. Het gebarsten oppervlak lijkt op een bewuste opening, een uitnodiging om niet alleen de uiterlijke vorm, maar ook het innerlijke van het werk te verkennen. Dit soort structuren roepen associaties op met geërodeerde rotsen, koraaldieren of andere sporen van natuurlijke processen waarin de tijd en invloeden van buitenaf zichtbare vormen hebben achtergelaten.

